|

De Weg naar Amorest
Trektocht door de Innerlijke Staten van Zijn
De Weg naar Amorest
Trektocht door de Innerlijke en Uiterlijke Staten van Zijn
Geboorte
We worden allemaal geboren en sommigen trekken grote ogen: waar zijn we hier terecht gekomen? In mijn Innerlijke Staat van Zijn bewaar ik nog lichtende flarden herinnering van hoe ik was voor ik hier door geboorte terecht kwam. Wat een ellende: gevangen in een hulpeloos lichaampje.
Vrolijk danste Ik
weg van het licht.
Ik werd dichter en dichter
en stapte verder en verder,
weg van het licht.
Man & vrouw was Ik
voor mijn geboorte
in de materie.
Wat kon ik doen: huilen als ik honger had, huilen als ik bang was, huilen als ik me eenzaam voelde. Een tandje bijsteken als het me te lang duurde. Maar lachen is leuker en het herinnert me aan wat ik achterliet…
Adam en Eva
het oude verhaal
- je kent het wel -
herhaalt zich voortdurend:
in het paradijs was Ik
Man & Vrouw
in één beleven.
Vanuit mijn innerlijk keek ik naar de uiterlijke wereld. Die wereld kwam soms dichter dan me lief was. Maar ik had een efficiënt wapen: geluid. Meestal verwijderde de indringer zich en werd ik sussend op de arm genomen. Het waren uitstekende gelegenheden om te oefenen in het werpen van boze blikken en het trekken van lange lippen. Na een tijd overwon ik mijn afkeer en ik liet de mensen naderen. Niet omdat ik dat nu zo leuk vond, maar hun ogen intrigeerden me. Via de ogen glipte ik binnen, op zoek naar tekens van medegeest. Ontgoochelend. Hier en daar vond ik restanten van vreugde als - bijna vergane - sporen van geest, maar van mijn lotgenoten geen teken van leven. Of toch, daar in het al lang niet meer betreden magazijn van jeugdherinneringen, tussen de afbladderende rekken met vergeelde sprookjesboeken en verzonnen kinderspeelgoed, lag een grijze massa. Je kon er een menselijke vorm in herkennen, maar dan helemaal ingesponnen door grijze in elkaar verstrengelde taaie hersenkronkels. Mijn soortgenoten waren ofwel volledig uitgeschakeld of minstens buiten bewustzijn. Leuk is anders.
Ik begon te huilen en was hierdoor verrast: ik voelde een emotie en mijn nog enigszins vreemd aanvoelend lichaam reageerde spontaan. Ik was al meer verstrengeld dan ik dacht.
Het zou voortdurende aandacht vergen om niet volledig gewikkeld te raken in de leugenachtige tengels van een arrogante grijze massa die de macht wou grijpen, mijn bewustzijn wilde verduisteren, mijn hart wilde ontkennen en mijn ik wilde stelen. Het was hier wel heel gevaarlijk en volkomen vijandig terrein.
Er werd iets in mijn mond gewurmd, het smaakte zoet. Ik snikte nog wat en viel uiteindelijk in slaap…
IkZelf was ondertussen in de droomzaal bezig met lichtherinneringen uit het Thuisland op het scherm van de slaap te projecteren. Misschien zou een en ander tot de materie doordringen?
wordt vervolgd
|